woensdag 25 november 2009

Selectie van Bruinisse-foto's











Het is gelukt om de foto's van flickr over te nemen. (Je moet een foto niet vanuit het album opslaan, maar eerst ophalen en vandaaruit opslaan)

Van boven naar beneden:
1. Zoë en Noa spelen naast en al een beetje met elkaar.
2. Luca wil graag dat Zoë hem een lepel van de overheerlijke pasta door Karlijn gemaakt geeft
3. Poppenkast kijken. Ik hield er rugpijn aan over.
4. Oma met haar drie kleinkind-meiden
5. door het raam van het grote huis gezien; wandelen in de achtertuin.

dinsdag 24 november 2009

Gezinsweekend Bruinisse


Ter inleiding:
Ik maakte voornamelijk videoopnames naast een enkele foto: zoals Luca voor onze studio, jagend op eenden.
Femke daarentegen maakte vele foto's en plaatste die op Flickr. Mijn technische kennis is echter tot op heden nog niet zodanig dat ik foto's uit dat bestand zo kan opslaan dat ze op mijn blog gezet kunnen worden.
Voor haar selectie uit de vele foto's verwijs ik naar www.tschemermoeras.nl/ en naar de blog van Zoë en Phiene, die met hulp het dus wel lukken: www.ziecreemers.blogspot.com/ en www.pclcreemers.blogspot.com/
Het was een geweldig weekend, een weekend om nooit te vergeten.
Zo dat is een bondige samenvatting.
Ik zou graag foto's van de kleinkinderen hier plaatsen, hoe ze met elkaar spelen, poppenkast kijken, sinterklaas verwelkomen op de kade van Bruinisse, met opa en oma wandelen over het mooie park, oma met haar drie kleinkind-meiden op de bank...
Misschien komt dat nog.
Ik zal hier verder moeten proberen om met woorden het weekend op te roepen.
Karlijn had gezocht en gevonden: twee huisjes op Aquadelta, een bungalowpark in Bruinisse. Een groot huis voor achten en voor Riny en mij een studio in de nabijheid.
Het was prachtig weer, we konden de aankomst van Sinterklaas meemaken en , niet onbelangrijk, gebruik maken van een kindvriendelijk zwembad en een speelpaleis.
Wat maakt zo'n weekend nu bijzonder?
De intensieve alledaagse omgang met elkaar levert nieuwe ervaringen op: van samen ontbijten tot slapengaan. Er ontstaat op natuurlijke wijze een orde en organisatie. Je vangt kinderen op, je voert gesprekken, je speelt en danst, je ervaart bijzonder gedrag bij jezelf en anderen (zo had ik in het schoentje van Luca een autootje gelegd, een Fiat 500, waar mamma Femke zo dol op is. Nog in de verpakking zittend voelde Luca dat het zo'n meisjes-auto was en hij begon ontroostbaar te huilen. Wist Sinterklaas dan echt niet dat zo'n auto voor hem not done was? Wat had ik gefaald!)
Dit is dus een meergeneratie gezin zoals die eeuwen geleden samenwoonde, toen niet met de luxe van vrije tijd en aandacht voor elkaar, maar wel met het oog en de zorg, het beste medicijn tegen doorgeslagen individualisme. Iedereen, van klein tot groot, leert met verschillen om te gaan, verschillen die een aparte dynamiek aan het leven geven.
Al op de tweede dag werd gezegd dat we dit gaan herhalen.
In herhaling schuilt gevaar. Je gaat vergelijken met die andere keer, de herhaling wordt gewoonte, een ritueel, dat wellicht gaat knellen.
Maar wij grootouders wensen zulke rituelen voor eeuwig.

dinsdag 17 november 2009

Verhuizen

We hebben in ons 38 jarig huwelijk drie stekken bewoond: Planetenlaan 15 in Eindhoven (flat) van '71 tot '73, Velddreef 5 in Waalre van '73 tot september '86 en van '86 tot heden Gaspeldoornlaan 44.

We zijn tamelijk honkvast, bepaald geen nomadische Hilton-hoppers. Een enkele keer komt het thema 'verhuizen' aan bot, zoals bij herijking van woonwensen. 'Stad of dorp' is een vraagstelling die een enkele keer de kop op steekt, zoals onlangs tijdens ons verblijf in Berlijn. De vraag alleen al "Zou jij in een stad willen/kunnen wonen?" bezorgt me jeuk op mijn rug. Ik kom nauwelijks aan een overweging toe. "Nee, ik wil niet weg", reageer ik dan gestoken, wil van geen voordeel van stadsbewoning weten zoals dicht bij winkels en theater, minder sociale controle enzo.

Mijn korzelige reactie luidt steevast "Horizontaal verlaat ik Gapeldoornlaan 44" waarmee ik mogelijk verhuizen als afgesloten beschouw. Ook als ze plagerig persisteert met "En als we de tuin niet meer bij kunnen houden of een van ons beiden slecht ter been? Wat moeten we trouwens met vijf kamers boven? Het huis is wel erg groot voor twee personen..." weiger ik mee te gaan in speculaties . Met een 'we zien tegen die tijd wel' rond ik af.
Soms kijk ik stiekem in de Huizenkrant, en concludeer, wil met geen ander onderkomen ruilen.


Totdat ik de advertentie zag...

Mijn eerste werkplek bij het HBO, Schoolgebouw Sint Martha aan de Jan Smitzlaan is verbouwd tot wooncomplex!

Wat een toeval!

Zou dat niet bijzonder zijn?
Waar ooit mijn werkkamer was - van '86 tot '88 bewoonde ik als studierichtingsleider van de HBO J een riant kantoor rechts onder ( zie foto boven) - straks onze woonkamer, zo hield ik Riny voor. En we wonen daar dicht bij het Stadstheater, van Abbe en het Philipsmuziekcentrum. Alsof ik altijd al een cultuurslurper was geweest; wat had ik me jaren gedepriveerd gevoeld in dat boerse Valkenswaard!

Zo togen we naar de Open Dag, nu niet van de opleiding maar van 'het riante woongenot in het comfortabel appartementencomplex in de karakteristieke villawijk.'
De buitenkant ontroerde me zeer.
Binnen een schok van blijde herkenning, die al snel omsloeg tot een complete desillusie.
Waar Harrie Crijns ooit doceerde, zou ik moeten badderen; mijn kantoor zou door de naaste buur worden bewoond en de vele markante ramen keken uit op de stadswoningen, waar ooit de gymzaal en de aula lagen. Een balkonnetje, waarop honderd ogen konden neerkijken en waarlangs de bewonersauto's ronkend de parkeergarage indoken.
Monumentenzorg, zo werd ons desgevraagd gezegd, verbood een adekwate ingeep op diefstalonveilige kozijnen. De vier meter hoge ruimtes vraten energie. Hoorde ik niet ginds een stadsbus remmen?
Hevig moest ik vervolgens hoesten toen ik me bewust werd van een noodzakelijke reductie van mijn boekenbelt tot zo'n kleine 10 procent.
Woordenloos keken we elkaar aan.
De makelaar zag onze tanende belangstelling, toonde zich optimist en gaf ons verdere documentatie in de vorm van een gelikte brochure.
Terugrijdend naar Valkenswaard was het stil in de auto.
Ik zweeg beschaamd. Van mijn enthousiasme was niets meer over. We hadden tuinwerk even laten rusten voor dit Open Huis: een verloren middag...
Berouwvol keek ik opzij naar Riny die kort samenvatte:
"Geen romantische nostalgie meer en voorlopig geen andere bewoning..."


De volgende dag diende ik bij Bouwzaken Valkenswaard een tekening in voor een overdekt terras.
Aan de Gaspeldoornlaan 44!

maandag 9 november 2009

Berliner Bilder 5. Zij die ons voorgingen







Een greep uit de vele bewoners van de Dorotheenbegraafplaats aan de Chausseestrasse.
Daarnaast ligt het Franse kerkhof met veel overleden Hugenoten.
(Brecht woonde overigens aan deze Chaussestrasse, nr 125 Brecht-Wiegel Gedenkstätte, evenals Wolf Biermann. Die laatste woonde tot 1976 op nr 131. Zijn Lp uit 1969 heet 'Chaussestrasse' 131 en is aldaar opgenomen.)




Berliner Bilder 4. Een openbaar museum













Absoluut onvolledig! Een greep uit de oude en de nieuwe doos.
1. Rote Rathaus aan de Alexanderplatz
2. Berliner Dom, bijna gesloopt onder SED regiem. Hoe protestanten ook van pracht en praal houden(?)
3. De moeite van het wachten waard: de te belopen koepel van het Reichstag, sorry Bundestag. Architect van het herstel: Norman Foster.
4. Op het voomalige niemandsland van de Potsdamer platz (Muur) werd het futuristisch Sony gebouw geplaatst
5. Tja. Ik kan het niet laten. In de raamspiegeling van de DZ Bank hét icoon van Berlijn: De Brandenburger Turm

Berliner Bilder 3. Om nooit te vergeten.







foto 1 Restant muur aan de Niederkircherstrasse. Op de achtergrond de Martin Gropius Bau.
foto 2 Hier onder puin en gras aan de Zimmerstrasse lag het Gestapo gebouw. Even noordelijker op de hoek van In der Ministergärten/Gertud-Kolmar-strasse de bunker van Hitler.
' Zand erover en dichtgooien.' (Remarque blz 154 e.v.) Hoe Berlijn worstelt met haar verleden.
foto 3 Holocaust Denkmal, 2711 betonnen zuilen, ontworpen door de Amerikaaanse architect Peter Eisenman.

Berliner Bilder 2. Interpretatie van een schuldige stad

De eerste avond.
We zijn, op weg naar Berlijn, gewapend met begrippenpaar communisme-kapitalisme.
In het eerste het beste café volg ik met een half oor een debat dat 'Zegeningen van de Val' zou kunnen heten, ware het niet dat het kritisch gemopper over en weer al snel de overhand krijgt. Zij over de kosten van huisvesting en ziekenzorg, die onbetaalbaar zijn geworden, Hij over de belastinggelden die met de Westenwind vervliegen.
Ik heb nog amper iets van deze stad gezien.
We lopen door ex-oost Berlijn en bekijken de vitrine van een kleine boekhandel hoe hier de werken van Marx en Lenin schaamteloos liggen naast recenter werk als 'Der Terror des Individualismus'.
Aan de Oraniërstrasse galmt rauwe muziek vanuit een binnenplaats. Het blijkt het kunstenaarscollectief Tageles te zijn, een vrijplaats voor experimenteerlust van anarchistische kunstenaars.
Het begrippenpaar onderdrukking-vrijheid zet zich vast.
Even verder Dussmann binnengelopen, een giga boek- en muziekwinkel aan de Friedrichstrasse. Hier liggen talloze, (voornamelijk foto-)boeken over de val van de muur. Hoe het was en hoe het geworden is.
Berlijn ís geen stad, zij is nog voortdurend in wording.
Berlijn heeft niet één gezicht, maar tientallen.
Een gezicht spreekt deze dagen: Vrijheid. Vrij om te spreken, vrij om te zien.
We zullen er de verdere week niet aan ontkomen: eindelijk heeft Berlijn iets te vieren, iets, waarvoor het zich eindelijk niet schamen hoeft: Twintig jaar Val van de Muur.
Het tweede begrippenpaar domineert.


foto 1 Potsdamer Platz, overwinning van het kapitalisme

foto 2 Tageles

foto 3 Berlijn wordt

foto 4 De val van de muur herdacht door het (laten) omvallen van 1000 2,5 meter hoge dominostenen, beschilderd door kunstenaars/kinderen uit de gehele wereld.

Berliner Bilder 1. Wir sind da gewesen!

Een museumstad als Berlijn besluip je met fotocamera op zoek naar te schieten plaatjes, die getuigen van je aanwezigheid of als interpretatie van de locatie.

Bij voorkeur interpreteer ik de locatie, enerzijds intuïtief maar ook gevoed door de informatie, die ik als voorbereiding heb doorgenomen. (Zeker lezen: 'Boze geesten van Berlijn' van Philippe Remarque! En voorts de onlangs verschenen Dominicus TXT 'Berljn', geschreven door Frans T. Stoks.)

Ik probeer anzichtkaartopnames te vermijden, maar om op elk te nemen foto jezelf of je reisgenoot te zetten als bewijs dat we er waren is het andere uiterste, weliswaar uniek maar altijd zo geposeerd en misplaatst dat ze alleen als camp het aanzien waard zijn.

"Waar moet ik je fotograferen?", vroeg Riny en ik wist zo gauw niet een goede plek te noemen. Overal stonden ze voor, die Japanners en andere wereldburgers. Voor elk driesterrenmonument was het dringen geblazen.

Toen ik een oerlelijk groen geverfd Trabantje zag, te huren per twintig minuten, stond ik klaar, een beetje lullig, dat zeker.






Nu moest zij over de brug komen en ze koos voor een van de vele plastic Knuts.



Zo hebben we ons vereeuwigd, November 2009: Cor en Riny in Berlijn.



En dan loop je op de laatste dag voor de zoveelste maal over de Weidendammer Brücke aan de Friedrichstrasse die de oevers van de Spree verbindt en herinner je de platenhoes van Wolf Biermann's L.P. uit 1976 met het lied 'Ballade vom pruissische Ikarus'. Hij poseerde daar voor de adelaar, zo herinner ik me. (Helaas heb ik die L.P.niet, wel de twee jaar later verschenen plaat 'Trotz Alledem', ook met het Ikaruslied. Op die hoes Biermann met zwarte snor zoals ik die in die tijd ook droeg, langs de mondhoeken omlaag tot de kaaklijn. Nee, er viel weinig te lachen toen)



"dann steht da der preussische Ikarus
mit grauen Flügeln aus Eisenguss
dem tun seine Arme so weh
er fliegt nicht hoch - er stürtzt nicht ab
macht keinen Wind - und macht nicht schlapp
am Geländer über der Spree "

Het symbool van hoogmoed en verlangen was in de DDR völlig leer.

"Hier", zei ik, "Zoals Biermann toen."



Ik moet nog nazoeken of het een beetje lijkt.
Een dag later....
De foto, die ik in gedachte had gevonden. Wolfje staat pal voor de adelaar. Dus, nog maar eens terug naar die locatie en dan goed gaan staan)

maandag 2 november 2009

Allerzielen


Vandaag naar het kerkhof gescooterd, waar mijn ouders en schoonouders naast elkaar begraven liggen. Ik veeg wat gevallen bladeren van de grafstenen en lees:
links (mijn ouders): 'Agnes: geb.21/9/16 - overleden 25/11/79'; zij werd 63 jaar 2 maanden en 4 dagen. 'André: 3/10/16 - 5/1/81'; 64,3,2 oud dus.
De ouders van Riny liggen in het rechter graf: Frans: 16/3/15 - 14/2/85; hij werd 69,11,28.
Moeder Riek werd de oudste van dit kwartet: geboren 23/4/13, gestorven 26/3/85; zij haalde 71,11,27.
(In het laatste graf is ook Riny's broer Peter bijgelegd die op 4 februari 1962 omkwam bij een noodlottig verkeersongeval. Hij werd slechts 19,9,7)

Binnen zes jaar tijd waren we vier (groot-)ouders kwijt.

Ik kijk vooral naar de data van mijn vader en fluister: "Als ik volgend jaar weer hier sta pa, ben ik ouder dan jij ooit werd."
Ik zeg dat niet in trots, eerder in boosheid, nog steeds.
(Even later haal ik in de bibliotheek het Nederlands-leest-boek 'Oeroeg' op. De auteur is geboren op 2/2/18 en is still alive; vandaag 90,9,0 dus.
Zij wel.)

Nee, november is niet mijn maand.

"Alles wordt enkeling. Een eigen graf
wacht op het kerkhof zijn bewoner af."
uit 'November'van Gerrit Achterberg,
het gedicht dat vervolgens eindigt met:
"Huizen verwijderen zich van elkaar.
Wij kijken in de gaten van het jaar."
(...doordat de bladeren vallen...)

Even verderop in onze boekenkast staat 'Allerzielen' Van Cees Nooteboom: Arthur Daane's queeste, hij doolt rond, vooral in Berlijn.
Morgen vertrekken wij daarheen.
Een cadeau van mijn broers en zus bij mijn afscheid van het werkzame leven.
Naar de stad van schuld en boete, de loodzware stad, de stad die zich probeert te zuiveren van het verleden.

Het weerbericht: de hele week verder regen.

November, do you remember?

zondag 1 november 2009

vogelverschrikkersfestival














Valkenswaard heeft iets met vogels.
Al eeuwen.
Ze heeft haar naam zelfs gegeven aan een van hen, waarmee heel wat eer behaald is.
Inmiddels zijn de valkenjacht zoals ook de sigarenindustrie verruild voor horeca en bloemencorso.
Aan het volksvermaak is onlangs het vogelverschrikkersfestival toegevoegd.
Wat een aantal jaren geleden begon als kleinschalige uitwerking van een volks idee is uitgegroeid tot een ludiek en creatief herfstfeest: het vormgeven van verjagen van al wat vleugelt.
Een bezigheid, zinloos als het leven zelf, maar het manifesteert.
Waar grote broer Eindhoven het creëren serieus en mondiaal aanpakt met de Industrial Design Week, knipogen haar zuidelijke buren met hun festival aan de Statie.
Zet de voedselbank bij je buren en je hebt even geen last van de gevederde vrienden. En och, als vijand worden die heus niet gezien, geven hooguit aanleiding om met welk materiaal dan ook te suggereren dat je in hoogst eigen persoon gods akkers kunt bewaken.
Vogels trekken zich al eeuwen niets van 'smensens schrikken aan, tonen begrip voor hun jaarlijks weerkerende ijver, die van natuurbeheer tot cultuur transformeert.
Alle vijftig dit jaar geëxposeerden zijn fotogeniek. Hierboven een selectie en geef toe, waarvan de laatste, Luca en ik in een waar interactief vogelverschrikkershuis, het minst afschrikkend is.
Ook de kraai , die kort daarna overvloog getuigde hiervan.
Zijn krassen was allerminst angstaanjagend, eerder vrolijk.
Kom daar maar eens heden ten dage mee om: een vrolijke zwarte kraai.
Dankzij ons vogelverschrikkersfestival!

dinsdag 27 oktober 2009

Kermis op afstand

Als gevolg van de invloed van de grote spektakelzender, de t.v., wordt van zenders in mondelinge communicatie vereist gevat en bondig te zenden.
En dat moet maar kunnen.
Dat vereist persoonlijke techniek, geen gehakkel of gestamel, korte reactietijd en vooral het simpel houden van de boodschap.
Het gaat niet om waarheid, nuance of diepgang, nee het zijn de platitudes, de verrassende wendingen en de maniertjes die het doen.
Een mooi snuitje, geraffineerd wapperen met de vlerken zijn handige ondersteunende elementen.
Wordt tegen bovenstaande basisregels gezondigd dan draait de camera weg of stopt de ontvanger subiet de zender. Niemand vind het meer onfatsoenlijk als een interviewer de genodigde deskundige die meer dan drie zinnen nodig heeft onderbreekt.
Dus luistert niemand, ook in het buiten-t.v. gebied, meer naar een betoog dat langer is dan Jip of Janneke kunnen volhouden.
En dat is heel kort en heel eenvoudig.
Het gaat om glitter en glamour, om toeters en om bellen.
Het is de ziekmakende kermis van vermaak en verstrooiing.
Beïnvloeders weten dit, ze zijn in toenemende mate kortgeslepen populisten, zijn voornamelijk ongenuanceerd tegen, voeden onvrede, tenminste hysterie en cynisme.

Vanwaar dit gemopper?
We weten dit toch al langer dan vandaag?
Er is toch al zo vaak gewaarschuwd voor de mediasering van onze levenssfeer?

In mijn levenssfeer word ik door mijn persoonlijk hoeder op zendersvlak vaak gecorrigeerd, sneu als ze vind als ik uiteindelijk tegen mezelf sta te oreren. Als gevolg weet ik nauwelijks meer te zeggen dan wat feitjes en diversen.
Ik kan nauwelijks meer lachen om communicatie.

Tot vandaag.
Las Paulien Cornelisse 'Taal is zeg maar echt mijn ding'.
De eerste zin is meteen raak: "Mensen denken dat taal (spreektaal... CC) is uitgevonden om elkaar beter te begrijpen."
Ze bewijst het tegendeel.
Hilarisch fileert ze het kortlopend gewauwel. Dit spreken dient nergens voor, leidt veelal tot niets., maar het is geen ramp.
Als je er oor voor hebt, valt er alsnog gruwelijk mee te lachen.

woensdag 21 oktober 2009

Heden tussen verleden en toekomst







Telkens als ik mijn kleinkinderen na een periode zie - het was afgelopen weekend twee weken geleden, dat ik Luca en Noa had gezien - word ik ermee geconfronteerd, dat ik mijn beelden over hen moet bijstellen.
Luca zit nu volop in een spelontwikkeling, speelt geconcentreerd beelddomino en experimenteert in allerlei rollenspelen.
Noa blijft niet achter. Heeft gezien dat boeken boeien en neemt 'Eenvoudig gezegd:Levinas' van mijn leesstapel, bekijkt de beeltenis van de joods Litauwse denker en kraait na enige tijd 'mamma' , haar aanroeping voor iedereen die ze mag.
Al direct bij hun aankomst benader ik ze met mijn 'oude' beeld en verwachting en stel voor om de dingen te doen van voorheen, van twee weken geleden.
Zo houd ik Noa voor de stabiliteit aan haar armpje vast, totdat ze zich loswurmt en me daarmee duidelijk maakt dat ik achterloop.
Toch zijn er nog steeds de vaste aktiviteiten, die gedaan moeten worden als rituelen , die hen en mij houvast geven: 'Bambi kijken'voor het slapen gaan, gezamenlijk de speelplaat in de garage pakken, kippen en vissen voeren.
Op enig moment zullen die vaste patronen verdwijnen en gewisseld worden, de avond dat Bambi gaat vervelen, de speelplaat in de garage kan blijven staan en ze niet meer talen naar kip of vis.
Ik lees in 'Eenvoudig gezegd: Levinas', nu eens niet over de onvoorwaardelijke keuze voor 'De Ander' maar over geboorte en dood/verleden en toekomst:
"De conclusie is dat het zuivere heden geen duur heeft. Daarom is het tussen verleden en toekomst een vreemde eend in de bijt. Het heden heeft niets van de toekomst of het verleden. Het is een scheidslijn, haaks op de duur; een punt als omslagpunt van toekomst in verleden. Eigenlijk is het niets. Maar dit niets is mijn al; een nul-grootheid die de dimensie van mijn leven vormt."
Heden ben ik ziek (alweer die buik).
In die dimensie houd ik me met de toekomst bezig.

woensdag 14 oktober 2009

Genen?






Terwijl David de halve marathon afraffelt onder het fotograferend oog van Karlijn passen wij op de Bonifaciuslaan op hun twee dochters slapend als doornroosjes. Nog voor Zoë en Phiene wakker zijn, staan de ouders aan de voordeur. Hij heeft de 21 kilometers afgelegd in 1.32. Vier maal heeft hij gestopt zegt hij een beetje lacherig onder het genot van een grote cola: schoenen vastveteren, een lekkere slok koffie onderweg, Karlijntje zoenen en een praatje met schoonmoeder Margriet. Hij vergeet te melden dat hij ook nog eens inhield voor het filmpje dat oom Frans van hem maakte, te zien op http://www.ziecreemers.blospot.com/
Dat had dus sneller gekund zeg ik, maar hij trekt zijn schouders op en zegt leuk te hebben gelopen.
Ben ik te fanatiek?
Zoë komt naar beneden en knuffelt haar bezwete pappa. Zou zij straks ook over Eindhovens dreven snellen? Welke tijd zal zij neerzetten als ze oog blijft houden voor alle détails? Het voederen van hertjes afgelopen zaterdag duurde eindeloos. Ze breekt brood in onwaarschijnlijk kleine hoeveelheden, gooit ze veilig, zorgvuldig ver het hek over en blijft kijken totdat de laatste kruimel weg is, daarbij pappa dicht in haar buurt houdend.
Maar het zou kunnen, want die genen...
Ik herinner me mijn fanatisme voor hollen, draven en snellen uit mijn jeugd. Ik duik in mijn archief,. Het zal 1962, 1963 zijn dat ik de plaatselijke courant haalde met mijn galop door het bos. Ik had weinig oog voor beuk of den, rende zo snel mogelijk naar de streep. Veel plezier beleefde ik er niet aan. Ik rende voor het zusje van medeloper Hugo B., die beiden 'op' atletiek zaten.
Mijn gejakker heeft me niet geholpen, Marijkes oog viel op een kogelstoter.
Ik ben toen maar 'op' hockey' gegaan.
(Klik voor een vergroting op het plaatje. Op het podium sta ik rechts naast Hugo B., die eerste werd. Liet ik hem winnen om de gunste van zijn zus?)

dinsdag 6 oktober 2009

Wat mij zoal beweegt










Vier beelden van afgelopen week.
De golffoto is van woensdag jl. Plaats: golfbaan De Golfhorst in Horst Amerika. Riny aan slag op een hoogvlakte.
Wat voorheen een stortplaats was is nu een prachtig, geaccidenteerd golfterrein.
We golfen wekelijks, vooral op de 9 holesbaan in 'onze achtertuin' die over het Valkenswaards Sportterrein is aangelegd.
Op de vraag hoe ik mijn tijd zoal doorbreng, zit in het genoemde lijstje onder de categorie sport steevast golfen. En steevast wordt die aktiviteit door de vraagsteller eruit gelicht.
De reacties kunnen worden ingedeeld in twee categorieën. Die van de enthousiaste medegolfer, die binnnen de kortste keren zijn eigen successen opsomt, een visser met club en ball, of de reactie dat golfen geen sport is. De laatste gesprekspartner hanteert daarbij een definitie - en daarbinnen heeft hij altijd gelijk - bijv. dat er niet of nauwelijks bij getranspireerd wordt en schaart golfen onder biljarten en bridgen, een leuk spel voor degenen die zich met de tijd geen raad weten.
Kortom reden om golfen uit mijn op te sommen rijtje aktiviteiten van deze pensionado te halen.
(Het is, zo realiseer ik me, de eerste keer dat ik op deze blog deze passie onthul en wellicht tevens de laatste keer.
Riny speelde overigens, evenals onze gastheer/-vrouw, Jo en Carla uitstekend. Over mijn prestaties houd ik wijselijk mijn mond.
Het is immers geen sport of jij speelt ongetwijfeld veel beter )
Nee, dan die andere passie.
Kleinkinderen.
Dit thema wordt er door andere grootouders gretig uitgehaald en binnen de kortste keren wordt het uitwisselen vergelijken. Maar dit visserslatijn verstaan we met mild geduld, de voorraad anekdotes is eindeloos zo weten we. We vergelijken ons plezier met de zorgen, die we vroeger over onze kinderen hadden. Onnodige zorgen, weten we nu. We laten ons niet weer foppen.
De andere drie foto's hierboven zijn van afgelopen vrijdag, een prachtige dag om te gaan wandelen in het Oeroe Boeroe Bos. Die naam gaf Thomas ooit aan dit stukje Leenderbos en sindsdien is het zo gebleven.
Luca verstaat het anders, noemt het konsekwent het Olle Bolle Bos.
Oeroe Boeroe of Olle Bolle, het is er een beetje spannend, maar met ons erbij is deze spanning leuk.
Ik help Luca om in de boom te klimmen. Ik meen me te herinneren dat ik bij diezelfde boom ooit dertig jaar geleden zijn vader hielp om hoger op te komen.
We hoeven niet naar de speeltuin. Femke maakt een overliggende boomstam uitdagender dan welke speeltoestel ook.
Dan zie ik die kleine koters van ons weglopen. Zomaar de wijde wereld van het Olle Bolle Bos in. Zonder omkijken, weten ze zich geborgen.
Door opa en oma bijna zonder zorgen.

dinsdag 29 september 2009

Wat was jouw naam ook weer?

Waarin mijn alter ego Mannetje en ik in elk geval overeenstemmen: we hebben beiden een hekel aan recepties. Toch had ik me door de uitnodiging van E.v.H. laten verleiden. "Na zoveel jaar bij Fontys zal hij een nieuw leven als pensionada..."

Ik had al diverse van dit soort invitaties de prullenbak in gegooid maar voor E. en vooral voor de mensen die ik op zijn afscheidsrecptie kon verwachten, wilde ik een uitzondering maken. De intensieve contacten in de laatste jaren met de afdeling van E. zouden garanderen dat herinneringen konden worden opgehaald en contacten hernieuwd.

Wat een desillusie!

Doordat ik iets te laat het officiële deel binnenstapte viel ik midden in het lied van zijn afdeling. Evenveel mensen op het podium als in de zaal. Veertig kelen zongen de tekst van twee met viltstift beschreven flappen, die voor het refrein naar de zaal werden gekeerd.
Een lichte duizeling maakte zich van mij meester, die me verder niet meer zou verlaten.
Het officiële deel liep zoals gewoonlijk flink uit.
Eindelijk konden we naar de drank en bitterballen. De receptie kon beginnen.

Zes gesprekken ben ik gestart. Gemiddelde gesprekstijd drie minuten.
Vier gesprekspartners begonnen op mijn receptievraag 'Hoe het met hen gaat?' óf hevig te kankeren óf op schoolmeesterwijze te beleren en uit te leggen. Het onderwerp was telkens Fontys.
Twee reageerden op mijn openingszin hoe dat ik ook weer heette.
De laatste riposteerde ik met "Mannetje' en keerde haar de rug toe zonder omkijken noch wrok.
Opgelaten vroeg ik me af 'heb en ben ik losgelaten'?
Eén ding weet ik zeker.
Enkel als Mannetje keer ik terug.

dinsdag 22 september 2009

Kalootje

Terwijl de media in naam van weldenkend Nederland justitie en politie ter verantwoording roepen vanwege het verlof en ontsnapping van de miss-handelaar Saban B. valt een schrijven van het 'sNederlands Recht op mijn deurmat. Dat ik op 10 juli in Amsterdam 104 km/u heb gereden waar maximaal 100 is toegestaan en dat ik deswege aan hen € 22 verschuldigd ben, bestaande uit € 16 voor de sanctie en € 6 voor administratiekosten.


Intussen meerdere malen naar Amsterdam gereden.

Zoals afgelopen zondag.
De A2 stond vanaf Den Bosch zo vol als een blik sardientjes.
Langs de weg geven borden aan dat je er 50, 80, dan weer 70, 100, 110, nee 90 mag rijden, snelheden waar de automobilisten van dromen in deze kilometerslange bouwput.


We moeten op tijd zijn voor het verjaardagsfeestje van Luca.
We zijn drie jaar opa en oma.
Luca heeft afgelopen week verschillende malen gebeld dat we het niet moesten vergeten en dat ie ook een kalootje wilde.
Afgelopen vrijdag op Riny's verjaardag vroeg hij of oma autootjes had gekregen. Toen Riny dat moest ontkennen zei hij enigszins teleurgesteld "Maar een motor gekregen toch...?


Bij Abcoude kunnen we de aangegeven snelheid eindelijk halen. En ja hoor. Daar staan ze in de berm. Ze schieten geen boeven, maar auto's met hun geavanceerde laserguns.
Over twee maanden, als de administratie een beetje doorwerkt mag ik weer een schrijven verwachten.


Een kinderfeest doet alles vergeten.
Luca blaast met verve de drie kaarsjes op de prachtige door Femke zelf gebakken feesttaart uit.
Riny haalt de afgelopen drie weken in door de kleinkinderen een voor een te beknuffelen.




En ons kalootje?
Luca had een politie- of een kraanwagen gevraagd.
Het is gelukkig een kraanwagen geworden.

dinsdag 15 september 2009

Nazomeren in St. Alban





1.Le-rendez-vous in St Alban Auriolles, ons verblijf de laatste twee weken.
2. Elke
ochtend beginnen met een Frankrijkgevoel: stokbrood halen met de Mehari.
3. De streek is bezaaid met oeroude dorpjes en fotogenieke doorkijkjes als deze.
Het was wennen: twee weken doorbrengen in een huis dat het
zomervertier van het jonge gezin van mijn broer uitademt, op elkaar te zijn aangewezen in een van god en toeristen verlaten streek, alweer twee weken weg van huis en haard, van (klein-)kinderen, Anke's feest missen;
de hitte opnieuw doorstaan, het geritsel en geschuif in een pikzwarte nacht duiden, hopen dat er geen rotsblokken vallen noch brand uitbreekt;
met een veel te laag beltegoed maar wel een schotel met alle nederlandse zenders...
Met mooie foto's teruggekeerd, met een iets donkerder huid dan twee weken geleden, heelhuids, beiden een kilootje zwaarder...
veel gelezen, gezwommen en gewandeld
kortom genoten
maar ook geëvalueerd
vanaf nu even niet meer van huis.

woensdag 26 augustus 2009

Rijk in komkommertijd

Ik beken op voorhand.
We hebben in augustus een staatslot gekocht.
Een heel lot, want we wilden de hele jackpot.
De tijd die ligt tussen de aanschaf van het lot en de trekking wordt doorgaans gebruikt om te dromen.
'Wat te doen met de poen?'
Op feestjes en partijen worden de gespreksthema's voetbal, weer en verkeer tijdelijk uitgebreid met deze vraag. Het het is sociaal wenselijk om dan bij voorbaat gul te geven. Kinderen en goede doelen zijn de gelukkigen. Zelf...? "Och we zijn gelukkig en hoe vaak zijn winnaars niet ongelukkiger geworden...?"

Kwam het door de vele ve-tsin die de afhaalchinees had gebruikt dat ik 's nachts de slaap niet kon pakken, dat ik klaarwakker beneden de tuin instaarde en bedacht 'Als ik mijn kinderen al die miljoenen schenk, dan worden mijn kleinkinderen gekidnapt...de ouders gechanteerd...'?
Ik nam een glaasje wijn om de angst weg te spoelen.
Ik zou, zo bedacht ik, een zwijgplicht aan mijn gulle gaven koppelen, voorwaarden stellen opdat de rijkdom niet opzichtig zichtbaar zou worden. Gewoon in dezelfde straat blijven wonen, geen nieuwe auto, kleren, niet meer of andere reizen...
Dan maar liever geen jackpot, een kleiner prijsje misschien? Een bonusje onder de Balkenende norm?
Of zoals de groten der aarde de prijs weigeren in ontvangst te nemen. Dat mag, nee moet bekend worden gemaakt.

Aan de dromen en nachtmerries kwam bij de trekking vanzelf een einde. Niets gewonnen. De prijs van het lot verloren voor het goede doel en de organisatiekosten.

Op de winnaar na is Nederland komkommertijd boos. Over de eenvijfde jackpotuitkering en over het salaris van de directeur van de organisatie.
In Italië schreeuwt men om de identiteit van de winnaar van de mega-mega pot...

Nu staan we weer voor het dilemma.
Kopen we een lot of gaan we lekker slapen?

donderdag 20 augustus 2009

Fermer l'écurie

Broer Piet belt in de vroege zondagochtend.
Op Teletekst heeft hij gelezen dat in de Ardèche een nederlandse man van vijftig jaar bij een riviertje door een neervallend rotsblok is gedood. Zijn dochtertje van acht jaar verkeert in levensgevaar. De rest van het gezin was getuige.
Toen Piet en zijn vrouw Wil dit bericht lazen dachten ze onmiddellijk aan onze broer Jacques. Die is weliswaar ruim in de vijftig, maar oogt jonger en hij heeft een dochtertje van genoemde leeftijd.
Of ik hem het telefoonnummer van Jacques kon geven.
Ik noemde de cijfers van zijn 06 en zei te verwachten dat hij hem aan de telefoon zou krijgen, zittend aan zijn zwembad.
Niets is zeker, achter de waarheid moet je aan.

Een uur later belt Piet terug.
"Nee, het is Jacques niet."
Nog voordat ik 'mooi' had gezegd vertrouwde hij me toe dat hij wist wie wél getroffen was:
De schoonzoon van Frank B., de stiefbroer van onze zwager Clemens en schoonzus Leonie.
(Lees deze zin nog maar eens rustig over, pak een pen en papier en teken de relaties uit.)
Ik: "Wat een toeval."
Hij: "Ik ben er kapot van!"
Onze reacties komen voort uit relatie(-gevoel).

Het is een drama, dat je intensiever volgt vanwege beleefde of gevoelde relatie.

Na een eerste bericht in de media, lees ik enkele dagen later een piepklein berichtje. De Franse regering zet het gebied af en onderzoekt of er nog meer rotsblokken los kunnen raken.
De uitdrukking "Als het kalf verdronken is..." is in het Frans dan ook "Après la mort le médicin fermer l'écurie quand les chevaux se sont échappés."
Sluiten of dempen het is om het even.
Levens zijn ontwricht, of je ze kent of niet.

Begin september verblijven wij in de Ardèche, in het huis van Jacques (zie hierboven).
Piet en Wil, door ons daartoe geïnviteerd, gaan overigens niet mee.

dinsdag 11 augustus 2009

Gered door gekakel

Afgelopen zondag.
Om iets over negenen meldt zich ons logéetje Zoë.
Wij lagen vanuit gewoonte al vanaf zevenen klaar om bij de eerste roep om opa of oma naar haar slaapkamer te snellen.
Verlegen blikt zij ons aan.
Wij tappen, ervaren als we zijn, uit verschillende vaatjes om haar snel weer in herinnering te brengen dat ze zich geen zorgen hoeft te maken, dat ze in goede handen is, dat we het beste met haar voor hebben.
Ik wijs naar Riny en bevestig glimlachend: "Daar is oma". Riny reageert onmiddellijk professioneel volledig op mij ingespeeld met: "Dat weet Zoë heus wel, opa!"
Zij kijkt ons stilzwijgend aan.
Wat nu?
Ik neem haar knuffel Okke uit haar bedje en speel er piepekoek mee, iets wat haar gisterenavond succesvol afleidde van een opkomend gevoel van heimwee.
Ze staart ons aan met een blik, die ons naar onszelf doet kijken. Twee oudere volwassen entertainers, die hun uiterste best doen, maar nog niet de klik met het publiek hebben weten te vinden.
Dan pas ik een oude, veel gebruikte truuk toe.
Met mijn vinger in de lucht vraag ik om stilte.
St...Ik heb iets gehoord.
Luister maar...
En wat een toeval...Een kip begint luidkeels te kakelen. Overdreven zelfs al heeft ze een dubbeldooier geproduceerd.
Maar het komt ons nu buitengewoon goed uit.
Zoë reikt bevallig haar armen, een teken dat er vervoerd kan worden. Zij slaat haar armen stevig om mijn nek, legt haar wang tegen de mijne, onderwijl zeggend: "Naar kip toktok kijken...,kop". 'Kop' is, zo hebben we geleerd een samentrekking van 'kom op' , in de betekenis 'maak voort'.
Dat 'kop' heeft ze overigens zondag gewijzigd in "Kom op opa cq. oma".
Ze heeft in twee dagen een metamorfose ondergaan van een verlegen verleidelijkheid naar een manipulerende bevalligheid.
Een echt meisje?

Als papa David haar ophaalt vragen we beiden of ze gauw weer eens komt logeren en met haar duimpje in haar mond meen ik dat ze welgevallig knikte.

dinsdag 4 augustus 2009

"Oma,oma"













Voor bezoekers van de blogs van Zoë en Phiene zijn bijgaande foto's bekend. Nauwelijks was het gezin namelijk zaterdagavond na een zeer genoeglijke barbeque alhier huiswaarts vertrokken of deze foto's stonden op hun beider blogs. Hoe was dat mogelijk?
Ik had deze selectie afgedrukt en hen meegegeven niet wetend dat ze thuis onmiddellijk gingen scannen en opa, die meestal dinsdagavond schrijft, vóór waren .
Ik stond in dubio: toch publiceren of niet.
Ervoor gekozen om het dus te doen.
Dubbel-bezoekers kunnen de verschillen zien. Ik wijs ze bijv op een klein wit vlekje op de kusfoto in Riny's haar, veroorzaakt door mijn ongeduld. Ik griste deze prent nog nat uit de printer en beschadigde hem.
(Voor de puzzelaars: er is nog een beschadigde foto gescand. Laat het me weten en U ontvangt die foto in een goede afdruk.)
Zoals gezegd het was een zeer genoeglijke en ook gedenkwaardige avond. We hebben een tweede kleinkind dat ons gericht aanspreekt. Zo vaak Luca de eerste keer "Opa" zei, zo vaak werd Riny zaterdagavond met "Oma" aangesproken.
Dat moet met een ijsco worden beloond hebben we van Pavlow geleerd.